Een passie voor kunst en natuur
Annick, 33 jaar, woont al vijf jaar in Ede en is onze nieuwe Regisseur Netwerk Schoolmoestuinen.
Ze ontmoette haar partner tijdens hun studie in Breda, en vanwege zijn afkomst uit Wageningen kwamen ze uiteindelijk in het kunstenaarsstraatje op de Mauritskazerne in Ede terecht. Annick heeft een achtergrond in de kunst en werkt als zelfstandige. Haar dagelijks leven is afwisselend: ze geeft workshops en cursussen op het gebied van creativiteit, schilderen en natuurbeleving. Haar liefde voor de natuur en creatie staat centraal in haar werk.
Een nieuwe droom na ‘The biggest little farm‘
De film The Biggest Little Farm bracht een verandering in Annick’s leven teweeg. Na het zien van deze film besloot ze een permacultuuropleiding te volgen. “Ik had altijd al een verlangen om op een boerderij te wonen,” vertelt ze, “maar het traditionele boerenleven paste nooit bij mij.” De film liet haar zien hoe een leven in harmonie met de natuur mogelijk is, wat haar inspireerde om meer te leren over permacultuur en zich aan te melden voor een opleiding. Ook werd ze wekelijks vrijwilliger in een voedselbos. “Dit voelde als thuiskomen,” zegt Annick. “Permacultuur gaat verder dan alleen landbouw en tuinieren; het omvat ook hoe we wonen, onze gemeenschappen organiseren, en onze relatie met de natuurlijke wereld zien.”
De magie van voedselbossen
Tijdens haar opleiding leerde Annick over voedselbossen. “Voedselbossen worden soms ‘iets voor luie boeren’ genoemd, maar het was pas toen ik een rondleiding kreeg in een voedselbos dat het mij echt diep raakte.” Dit moment was een keerpunt voor haar. “Het contrast met de omliggende boerderijen was enorm. Hier voelde het alsof ik een wildernis betrad, een prachtige omgeving waar ik met liefde tijd zou willen doorbrengen.” Ze zag de overvloed aan voedsel en de diversiteit van de natuur. “Het was alsof je door een supermarkt in de open lucht liep.” Dit inzicht maakte haar droom om een voedselbos te creëren heel realistisch.
Een prentenboek over permacultuur
Annick merkte tijdens haar permacultuuropleiding dat er weinig illustratieve boeken over het onderwerp waren. “Ik wilde graag doorgeven wat ik in de permacultuuropleiding had geleerd: dat we positieve bijdragen aan de natuur kunnen leveren en daar veel zingeving en verbinding uit kunnen halen,” legt ze uit. Ze zag dit als een kans om juist kinderen hierbij te betrekken. “Het geeft hoop en kracht als je beseft dat de oplossingen vaak eenvoudig en direct binnen handbereik liggen.”
De rol van kinderen in duurzaamheid
Annick gelooft sterk in de kracht van kinderen als het gaat om duurzaamheid en permacultuur. “Kinderen hebben de gave om door complexiteit heen te kijken en ons met onszelf te confronteren,” zegt ze. “Ze bezitten een natuurlijke eenvoud, nieuwsgierigheid en verbondenheid met de natuur.” Door kinderen te leren over permacultuur, kunnen we hun begrip van ecosystemen verdiepen en hen voorbereiden op een duurzame toekomst.
Uitdagingen bij het uitgeven van een boek
Het zelf uitgeven van haar boek was een leerproces voor Annick. “Uiteindelijk moet je het wiel een beetje zelf uitvinden als je iets nieuws doet,” vertelt ze. “Het behouden van vertrouwen was een uitdaging. Regelmatig kwamen twijfels naar boven: wordt het boek wel goed ontvangen? Wat als er fouten zijn gedrukt?” Ondanks deze uitdagingen ontving ze veel steun en liefdevolle berichten, wat haar enorm motiveerde.
Handgeschilderde illustraties
De handgeschilderde illustraties in Annick’s boek brengen de principes van permacultuur op een toegankelijke manier tot leven. “Mijn keuze om ze handgeschilderd te maken, is eenvoudigweg een persoonlijke voorkeur,” zegt ze. “Het schilderen is voor mij een ambachtelijke bezigheid die ik verkies boven lange uren achter de computer zitten.”
Verrassende reacties van jonge lezers
Een van de meest verrassende reacties die Annick kreeg van jonge lezers is dat ze aanvankelijk stil zijn als je vraagt hoe ze de natuur kunnen helpen. “Maar na het bespreken van het boek komen ze met ideeën zoals het planten van bloemen om bijen te helpen,” deelt ze.
De toekomst van Eetbare Wildernis
Annick’s droom voor Eetbare Wildernis is het starten van een natuurinclusieve boerderij met een sociaal en educatief karakter. “Het hoofddoel van de boerderij is het creëren van een voedselbos,” legt ze uit. Rondom het voedselbos wil ze verschillende activiteiten ontwikkelen, zoals een kleine kwekerij en een mini-ecocamping. “Het liefst starten we het met een groep ondernemers die ieder een bijdrage willen leveren, zoals een microbrouwerij, restaurant, kruidenapotheek, school, of boerderijwinkel.”
Lokale samenwerking en gemeenschapsimpact
Annick hecht veel waarde aan lokale samenwerking voor haar projecten. “Het voelt goed om deel uit te maken van mijn gemeenschap en elkaar te inspireren,” zegt ze. Ze werkt momenteel aan een eetbare buurttuin, wat een geweldige kans is om de buurt samen te brengen en een gevoel van verbondenheid te creëren. “Lokaal kopen zorgt er ook voor dat we zien waar onze producten vandaan komen en door lokaal te produceren dragen we ook bij aan duurzaamheid.”
Dagelijkse motivatie en impact
Wat Annick dagelijks motiveert, is haar passie voor kunst en natuur. “De natuur biedt zoveel inspiratie en levenskracht,” zegt ze. “Ik ervaar het als een diepe zingeving om bij te dragen aan een duurzamere wereld en een positieve impact te hebben op mijn omgeving.” Annick hoopt met haar projecten de gemeenschap te inspireren en een verschil te maken, hoe klein die impact soms ook lijkt.
